eurotech logo Aluminium Castings
Home | Algemeen | Nieuws | De organisatie | Sponsoring | Downloads | Aandeelhouders | contact | Links | Vacature

Rintje, de Beer, Ritsma: Ik ben een levensgenieter

De Jack Russell-terriër loopt nerveus langs de waterlijn in de achtertuin van Rintje Ritsma. Het beestje voelt duidelijk dat het baasje iets gaat ondernemen. Gaan we varen? Hij is immers de mascotte die steevast mee aan boord mag.
Ritsma laveert zijn ijsblauwe Koopmans 43 behendig uit de ligplaats aan huis en al snel heeft hij een gemakkelijke positie achter het roer gevonden. De oud-schaatskampioen, inmiddels bijna veertig, geniet zichtbaar. ‘Dit is waar je het voor doet, hè?’ zegt Ritsma vanachter zijn donkere zonnebril, terwijl hij naar het water en het hemelgewelf gebaart. ‘Zeilen zit me in het bloed. Naast schaatsen is het mijn grote liefde. Al op jonge leeftijd voer ik wedstrijden in clubverband; eerst op een 470’je en later op een Prins van Oranje 8-Meter. Dat deed ik samen met mijn vader. Het fanatisme zat er al lekker vroeg in, zeker op dat tweede schip. We gingen hoe dan ook voor die winst. En ook op de zeeschouw van mijn ouders deden we fanatiek mee aan wedstrijden. Blijkbaar zat de gedrevenheid, het lol hebben in competitie en tot het uiterste gaan, er toen al bij me in.’ Als geboren en getogen Lemster wil Rintje Ritsma me graag zíjn Lemmer laten zien vanaf het water, en dus vanaf zijn Blue Fin. In zijn hoogtijdagen als professioneel schaatser verruilde Ritsma zijn geboortegrond een aantal jaren voor het fiscaal aantrekkelijke België. De aantrekkingskracht van het Friese won het echter van de geldelijke baten.
‘Lemmer is toch mijn thuisbasis. Hier voel ik me optimaal en hier liggen mijn roots. En ik ben niet de enige die dat zo ziet, want Lemmer is heel populair bij westerlingen geworden. Amsterdam rijd
je binnen het uur. De huizenprijzen zijn de laatste jaren geëxplodeerd, en dus is Lemmer een vrij duur stukje Friesland. Gelukkig was ik zo slim om hier al vrij vroeg een huis te laten bouwen. Aan het water, jazeker. Dat was ik van huis uit namelijk gewend. ’s Zomers zwemmen en zeilen, en ’s winters bonden we de schaatsen onder. Mooier kan een jeugd niet zijn.’ Een aantal jaren geleden heb ik dit huis gekocht, met een eigen plek voor de ’89-er Koopmans. Ideaal. Dit schip heb ik nu een jaar of vijf. Voorlopig ben ik er nog niet op uitgekeken, want hij biedt volop mogelijkheden voor mij en mijn vriendin. Toen ik ’m kocht, heb ik alle navigatie aangepast; kaartplotters erin, nieuwe radar erop, stuurautomaat en marifoon aangepast.’ ‘Onze wensdroom is om een lange reis te maken, bijvoorbeeld naar de Cariben. Maar goed, dan moet ik wel wat aan de stroomvoorziening gaan doen. Iets met een aggregaat of een windmolen. Je moet jezelf uiteindelijk wel kunnen redden op zee. Een weekje weg lukt nog wel, maar als je langer op pas bent, moet je serieuze maatregelen treffen aan boord. Dit schip is te klein om er een watermaker in te zetten. Maar er zit een tank in van 600 liter, dus als we dat alleen gebruiken als drinkwater, komen we best een eind. En je hebt van die speciale zeep om je te kunnen wassen met zout water. Ik zie het er wel van komen.’ Ritsma praat honderduit over zijn schip en over zijn passie voor het zeilen. Tegen de verwachtingen in is de schaatssport niet hét gespreksonderwerp van vandaag. Sterker nog, gevraagd hoe het voelt om een jaar gestopt te zijn, merkt Ritsma verbaasd op: ‘Is dat pas een jaar? Ja, je hebt gelijk. Gevoelsmatig lijkt het al langer. Er is in de tussentijd ook heel veel gebeurd. Live goes on, hoor. Natuurlijk, ik heb iets met heel veel plezier gedaan en het afscheid was echt wel even wrang. Ik was maar wat graag langer doorgegaan met schaatsen, maar mijn lijf vertikte het. Ik had altijd maar rugklachten. Ik voelde me een oude kerel. Toen heb ik besloten dat het genoeg was geweest.’
‘Ik ben diep gegaan voor de schaatssport, maar er is meer in het leven. Ik heb veel leuke hobby’s en die wilde ik kunnen blijven doen. Golfen bijvoorbeeld, en zeilen natuurlijk. Maar ook doe ik geregeld aan autoracen, motorcrossen en sinds twee jaar ben ik serieus aan het motorracen op niveau. Vooral die laatste paar sporten zijn fysiek zwaar en vergen veel van een lijf. Maar schaatsen is het zwaarst van alles. Daar heb je jongens van 22 die al met serieuze rugproblemen rondlopen. Als je dat dan ziet, dan heb ik het nog aardig lang volgehouden.’
‘Ik heb me altijd voorgehouden dat ik de dingen wilde doen waar ik plezier aan beleef. Daar moet je alleen wel zelf voor zorgen. Kijk, als ik thuis was gaan zitten kniezen, dan was ik misschien in dat bekende zwarte gat gedonderd. Maar zo zit ik niet in elkaar, ik ben een levensgenieter. Daarom geniet ik ook zo van iedere mijl op dit schip. Zeilen maakt mijn hoofd helemaal leeg. Zeker op een sportief schip, waarop je voortdurend moet trimmen.’ ‘Deze Koopmans 43 past, wat dat aangaat, perfect bij me. Het heeft een hydraulisch kielmidzwaard met een variabele diepgang, van 1,15 tot 2,70 meter. Het werkt met één druk op de knop en – niet onbelangrijk – het is nagenoeg onderhoudsvrij. Hierdoor heb ik een heel breed vaargebied: van de ondiepe Friese meren tot diepe zee. Die diepgang zal ook weer heel belangrijk zijn bij een eventueel volgend schip. Mijn droomschip? Een Puffin vind ik erg mooi, maar ook een Colin Archer is een geweldige boot.’ Hoewel Rintje Ritsma tot over zijn oren verliefd is op zijn huidige schip, houdt hij dat niet louter voor zichzelf. Op zijn website is te lezen dat Ritsma zichzelf met schip en al verhuurt. ‘Dat doe ik erbij. Hooguit vier keer per jaar vaar ik uit met een vriendengroep of zakenrelaties. We maken er een gezellige dag van, en ik leg mijn gasten de basisbeginselen van het zeilen uit.’ ‘Deze Koopmans leent zich er uitstekend voor. Er is ruimte genoeg voor tien man. Tegelijkertijd is het een zwaar-weerschip. Als je wilt, kun je er flink mee tekeer gaan. Hij heeft een dubbele voorstag, je hebt dus een kluiver en een fok. De fok is wat meer high aspect, wat kleiner, en is met veel wind nog te varen.’
‘Het is een redelijk onderhoudsvrij schip. Aluminium, hè? Eens in de tien jaar heeft hij een grote beurt nodig. Eind jaren ’90 heeft ’ie nog een refit gehad, compleet met een nieuw teakdek van bijna twee centimeter. Eens in de zoveel tijd moet je wat oxidatieplekjes behandelen. En, ach, als de zeilen een jaar of twintig zijn, zijn ze een keer aan de beurt. Mijn tip: spreid het onderhoud van je schip. Dat voorkomt onaangenaam hoge rekeningen.’

In Lemmer groet Ritsma links en rechts zo’n beetje iedereen aan wal die hem ziet. Het gezegde “Ons kent ons” lijkt hier te zijn bedacht. Toch lijkt er een zekere onrust te zitten in Rintje Ritsma. De regelmaat waarmee zijn mobiel overgaat, verraadt dat hij genoeg om handen heeft. Zo is hij voor de Olympische Spelen van Vancouver in 2010 als teammanager verbonden aan de nationale bobsleebond.
Een opmerkelijke move. Of toch niet? Ritsma: ‘Ik reed voor het autosportteam van Eurotech. Directeur Wim Noorman en ik konden goed door één deur. Op een goed moment kwam het gesprek op bobsleeën terecht. Overal waar Eurotech in stapt, wil hij een professionaliseringsslag maken. Bobsleeën was een sport waar nog veel geïnnoveerd kon worden. Team NL zat aardig in de lift, maar het kon beter.
Wim vroeg of ik er samen met hem in wilde stappen. Zo is het gekomen. Het NOC*NSF heeft geld ter beschikking gesteld om het team naar een hoger plan te tillen.’ ‘Mijn vertrouwen in Wim is erg groot.
Ik wist dat we flinke sprongen konden maken. Dan is het heel erg leuk om bij zo’n project betrokken te zijn. Eurotech heeft een volledig ingerichte racetruck ter beschikking gesteld. De uitstraling
van het team is hierdoor sterk verbeterd. We zijn bijvoorbeeld het eerste land dat met zo’n grote trailer naar de wedstrijden komt. Laatst hoorde ik dat Duitsland, toch hét bobsleeland, ook zo’n wagen gaat kopen. Dat geeft een kick, ja. Dat alles heeft ervoor gezorgd dat Lotto als nieuwe hoofdsponsor is ingestapt.’ ‘Mijn toegevoegde waarde zit ’m in mijn netwerk. En ik weet natuurlijk ook precies wat er in het hoofd van een topsporter omgaat. Ik zorg ervoor dat de atleten “hun ding” kunnen doen. Het is belangrijk dat ze zich niet bezig hoeven te houden met of iets wel of niet op tijd klaar is. Dat doe ik voor ze.’ Ritsma’s inspanningen lijken hun vruchten af te werpen. De teammanager denkt dat in Vancouver inmiddels een podiumplek haalbaar is. Ritsma: ‘De truc van deze
sport is dat je de grenzen opzoekt van wat reglementair wel en niet mag. Tussen plek één en acht zit misschien een paar tienden, terwijl je praat over snelheden rond de 150 kilometer per uur. Boven aan de baan een honderdste winnen, scheelt zomaar vierof vijfhonderdste aan de finish.’
‘Wat ik straks na de Spelen ga doen, weet ik echt nog niet. Daar houd ik me totaal niet mee bezig. Financieel gezien hoef ik niets. Dat geeft rust. Maar ik sluit niet uit dat ik actief blijf in de sport. Er komt altijd wel iets leuks op mijn pad. Of dat motorracen, schaatsen of zeilen is, dat zie ik tegen die tijd wel weer.’


Bron: Nautique/Mike Raanhuis

Download hier het totale artikel.


Copyright eurotechgroup 2009
Start | contact | voorwaarden | taal